Op je loonstrook staat een brutobedrag dat een stuk hoger is dan wat er op je rekening wordt gestort. Het verschil is geen geheim, maar zit verstopt in een mix van belasting, premies en kortingen. Hieronder lees je hoe het systeem in Nederland werkt voor 2025 en wat je in 2026 ongeveer kunt verwachten.
Bruto versus netto
Brutoloon is het bedrag dat je werkgever met je heeft afgesproken voor je werk, vóór alle inhoudingen. Netto is wat je daadwerkelijk ontvangt. Tussen die twee bedragen zitten drie grote posten: loonheffing (een combinatie van inkomstenbelasting en premies volksverzekeringen), de bijdrage Zorgverzekeringswet en eventuele pensioenpremies of bijdragen voor de WW en WIA.
Wil je het verschil snel berekenen voor jouw situatie? Probeer de bruto netto calculator van National Calculators. Je vult je brutoloon in en ziet direct wat er overblijft.
De drie schijven in box 1
In 2025 is een belangrijke wijziging doorgevoerd: box 1 heeft sinds dit jaar drie tariefschijven in plaats van twee. Box 1 gaat over je inkomen uit werk en woning.
- Schijf 1: tot €38.441, tarief 35,82%
- Schijf 2: van €38.441 tot €76.817, tarief 37,48%
- Schijf 3: boven €76.817, tarief 49,50%
Het tarief in schijf 1 lijkt hoog, maar bevat al de premies volksverzekeringen. Wie de AOW-leeftijd heeft bereikt betaalt over dezelfde schijf een veel lager percentage, omdat zij geen AOW-premie meer afdragen. De officiële tarieven staan op de site van de Belastingdienst.
Premies volksverzekeringen
De premies in schijf 1 dekken de basis sociale voorzieningen:
- AOW (ouderdomspensioen): 17,90%
- Anw (nabestaanden): 0,10%
- Wlz (langdurige zorg): 9,65%
Samen 27,65%. Daar komt 8,17% inkomstenbelasting bovenop, wat tot 35,82% leidt. Naast deze premies houdt je werkgever de inkomensafhankelijke bijdrage Zvw in. Pensioen via je werkgever en eventuele WW of WIA premies zijn aparte posten op je strookje.
Heffingskortingen
Heffingskortingen verlagen de belasting die je moet betalen. Twee zijn voor de meeste werknemers belangrijk:
- Algemene heffingskorting: in 2025 maximaal €3.068. Boven een bepaald inkomen bouwt deze geleidelijk af.
- Arbeidskorting: in 2025 maximaal €5.599. Deze geldt alleen als je werkt en loopt mee met je arbeidsinkomen.
Er bestaan ook specifieke kortingen, bijvoorbeeld voor ouderen, alleenstaande ouders of mensen met een laag inkomen. Een volledig overzicht vind je op Rijksoverheid.nl. Voor een berekening per situatie kun je terecht bij de inkomstenbelasting calculator van National Calculators.
Wat verandert er in 2026?
Voor 2026 worden de schijfgrenzen en kortingen jaarlijks geïndexeerd. De Prinsjesdagstukken en het Belastingplan 2026 zijn leidend. Naar verwachting blijft de structuur met drie schijven gelijk, maar schuiven de bedragen mee met de inflatie. Kleine wijzigingen in de arbeidskorting en de algemene heffingskorting worden gebruikt om koopkrachteffecten te sturen. Officiële details verschijnen op Rijksoverheid Belastingplan zodra de wet is aangenomen.
Een kort rekenvoorbeeld
Stel: je verdient €45.000 bruto per jaar. Over de eerste €38.441 betaal je 35,82%, ongeveer €13.770. Over de resterende €6.559 betaal je 37,48%, ongeveer €2.458. Je bruto belastingdruk komt zo op €16.228. Daarna trek je de heffingskortingen af, in totaal rond €4.700 bij dit inkomen. Wat overblijft, voor pensioen en Zvw, is dus zo’n €11.500 aan belasting. Dat is een vereenvoudigde berekening, want je werkgever houdt loonheffing per maand in en pensioenregelingen verschillen flink.
FAQ
Waarom is mijn nettoloon lager dan dat van iemand met hetzelfde brutoloon?
Pensioenregeling, leeftijd (AOW), bijtelling voor een auto van de zaak en specifieke heffingskortingen beïnvloeden het netto sterk, ook bij gelijk bruto.
Tellen vakantiegeld en dertiende maand mee in mijn jaarinkomen?
Ja. Vakantiegeld en bonussen zijn onderdeel van je belastbaar jaarinkomen en kunnen, samen met je salaris, deels in een hogere schijf vallen.
Wanneer krijg ik geld terug van de Belastingdienst?
Vooral als je in de loop van het jaar minder heffingskortingen kreeg dan waar je recht op had, bijvoorbeeld door wisselende werkgevers, of als je hypotheekrenteaftrek hebt voor een eigen woning.